| |
KIM
Het voorbije decenium zag Vlaanderen liefst drie Kim’s doorbreken (en soms alweer met pensioen vertrekken). Verwarring troef telkens de media een zoveelste hoogstandje van ‘Kim’ meldden, want het ‘ons-gevoel’ verdraagt geen familienamen. Die zijn ergens omstreeks de millenniumwende definitief gedropt door onze bekendere medemensen.
Maar de alerte nieuws-watcher wist wel beter. Medailles wint deze Kim niet, Grand Slams evenmin, en ook top-chrono’s zijn aan hem - jazeker, het is een ‘hij’ - niet besteed. En, raar maar waar, ‘onze’ Kim ziet de humor van deze situatie ook niet. Zeker niet die keer dat de media trots uitpakten met het ‘nieuws’ dat de moeder van Kim na al die tijd weer zwanger was.
Toch is Kims humor óók van het surrealistische type. Maar dan écht surrealistisch. Het soort humor dat Vlaanderen/België zo goed aanvoelt, en dat blijkbaar een onzichtbare, torenhoge muur heeft opgetrokken aan de landsgrenzen. Niet-Belgen die dergelijke mentale acrobatieën kunnen pruimen, zijn dungezaaid. Waarnemers proberen al decennialang een sluitende verklaring te vinden voor dit fenomeen, maar een werkelijk bevredigende uitleg laat nog steeds op zich wachten. En hoewel ook Kim niet vies zou zijn van wat meer internationale uitstraling (en de daarbij horende verkoop), botst hij al jaren op de defensieve ingesteldheid van anderstalige gate-keepers, die zichzelf steeds als de ultieme norm opvoeren. In die zin verschillen buitenlanders dus amper van hun Nederlandstalige collega’s. Als Kim de voorbije jaren iets heeft geleerd, behalve dan het steeds spitser outen van zijn eigen onnavolgbare vondsten, dan wel dat in de media alles persoonsgebonden is. Vandaag word je met grote trom ingehaald door de nieuwe verantwoordelijke van WatDanOok, morgen kan diens opvolger je niet snel genoeg dumpen, want hij heeft zogenaamd wél Goede Smaak en zal wel eens laten zien hoe het hoort. En dus toont Kims carrière van de voorbije tien jaar, net als die van geestverwanten als Nix of Bart Schoofs, weinig continuïteit. A posteriori blijken slechts “P”-magazine en uitgeverij Oogachtend constante waarden te zijn. Kim heeft er nodens mee leren leven. Zijn te veel aan geschifte, ongecontroleerde creativiteit ventileert hij als Kim Kang, een alias dat zich met de al even geflipte Jay Phlitman bezighoudt met het produceren van geschift, ongecontroleerd geluid (in de Cageiaanse betekenis van het woord), dat sporadisch zelfs op vinyl belandt. Want Kim is ook muzikaal een allrounder zonder grenzen.
Het wonderbaarlijke aan surrealistische humor à la Kim is dat ze niet veroudert. Decor en Witz zijn zo goed als tijdloos, want haast nooit actualiteits- of objectgebonden. Alsof een auteur door het rationele goeddeels achter zich te laten, meteen ook een tijdloze dimensie bezorgt aan zijn oeuvre. En dus is het grootste verschil tussen Kim anno nu en zijn vroege grappen vooral van stilistische aard. Tekenaars evolueren immers, en zo ook Kim. Na tien jaar Esther Verkest, zijn fetisj-personage en de enige stripreeks die hij nooit heeft moeten stopzetten door toedoen van de een of de andere betweter, valt vooral op dat Esther in die tijd minder knuffelbaar en steeds meer babe geworden is. Geen wonder dat zij is uitgegroeid tot één van de uithangborden van “P”-magazine, het Vlaamse babe-blad bij uitstek. Van in den beginne heeft zij de harten en vanalles anders van het macho-publiek kunnen beroeren. Esther is tegelijk babe en bitch, romantisch en domina, onbereikbaar voor echte binken en beschikbaar voor losers, hartsvriendin van ouwe vrijsters en liefhebster van kinky seks. En toch is ze geen passepartout-personage, maar een figuurtje met een duidelijk karakter én een ideaalbeeld voor de “P”-lezer. Die heeft geen probleem met de typische mix van seks (al insinueert Kim vooral) en absurde humor. Zolang Kim zijn deel van het contract maar naleeft: grappig zijn! Dat hij daar weirde personages als Remi-alleen-op-de-wereld voor bedenkt, maakt niet uit. Of de beruchte bloopermachine: een perfecte emanatie van de bizarre kronkels van Kims fantasie. Of kabouters. Hoewel België het ultieme Smurfenland is, met Albert II als onbetwiste Grote Smurf, zien we de kabouters van Kim nog niet meteen de wereld veroveren. Ook niet figuurlijk. Enkel onze noorderbuur Mark Retera (een kruising van Gary Larson en Kim) gebruikt deze puntmutsen op even geloofwaardige wijze in Dirkjan. Het zal wel geen toeval zijn dat ook Retera kabouters niet als sympathieke mensenvrienden potretteert, maar veeleer als ongedierte.
Met zijn compleet geschifte humor heeft Kim zich de voorbije tien jaar tot één van de sterkhouders van uitgeverij Oogachtend geprofileerd. Tot eenieders spijt is Esther Verkest vooralsnog geen bestseller - misschien is dat wel iets structureels - maar het is wél een degelijke, zekere verkoper. Een blijver, die zich in die tijd een vaste eigen stek in het Vlaamse striplandschap heeft veroverd. We zijn zéér benieuwd wat Kim de komende tien jaar nog allemaal uit zijn koker zal toveren.
En als u me na al dit gestrip nú even wilt excuseren, want ik heb een date met Esther, die zich speciaal voor mensen als ik laat compileren.
Michel Kempeneers
|
 |